Hoe gebruik je een portofoon?

Het is belangrijk om alvorens de portofoons in gebruik te nemen, duidelijke afspraken of regels te maken over het portofoon gebruik. De belangrijkste regel voor juiste portofoon communicatie is om eerst de spreektoets in te drukken. De spreektoets wordt ook wel de PTT genoemd (Press To Talk). De portofoon heeft ‘halve tel’ nodig om de verbinding te maken. In geval van een portofoon netwerk kan dit een ‘hele tel’ zijn alvorens er verbinding is met het portofoon netwerk.

Zorg voor aanvang van de werkzaamheden dat de portofoon voldoende opgeladen is, ingeschakeld staat en het volume niet te zacht of te luid staat. Indien de regels dit voorschrijven of toelaten kan een testoproep gedaan worden om zo een goede werking van de portofoon te garanderen. De afgesproken communicatievorm wordt ook wel etherdiscipline genoemd. Voorbeelden van afspraken over communicatie via portofoon en mobilofoons zijn het eerst noemen van de naam of functie met aansluitend de persoon voor wie de oproep bestemd is. Voorbeelden hiervan zijn “Wim Jansen voor hoofd BHV” of “brandwacht 23 voor centrale post“. Probeer kort en bondig de boodschap, situatie over te brengen en sluit af met ‘over’ zodat de andere kant weet dat het bericht ten einde is. Wanneer de conversatie in zijn geheel beëindigd is kan worden afgesloten met ‘over en uit’. Voor de ontvanger van de berichten is het belangrijk mee te luisteren zodat adequaat gereageerd kan worden indien nodig.

Leg in een portofoon plan vast hoe de communicatie dient te verlopen. Behalve in het portofoon plan kunnen functies, kanaal- of oproepnummers in het display worden weergegeven. Indien er geen display op de portofoon zit kan een sticker of instructiekaart met beknopte informatie een oplossing zijn.

Heeft u nog vragen? Stel ze gerust! Bezoek onze partner voor de contactgegevens.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *